Archief van oktober, 2008

Problemen in de gemeentelijke organisatie

30 oktober 2008

GroenLinks maakt zich ernstige zorgen over het functioneren van het
College en de gemeentelijke organisatie. Directe aanleiding om een
interpellatiedebat aan te vragen is het recente ontslag van
gemeentesecretaris Simon Franssen.
GroenLinks wil van het College weten wat er precies aan de hand is en
hoe het College de problemen aan gaat pakken en vraagt de
coalitiepartijen hun verantwoordelijkheid voor het functioneren van het
College te nemen.

GroenLinks heeft er al herhaaldelijk op gewezen in de gemeenteraad: het
College straalt een beeld uit van een organisatie die niet of nauwelijks
in contact staat met de samenleving. Al langere tijd geven burgers en
belangrijke samenwerkingspartners van de gemeente aan dat het erg
moeilijk is in overleg te komen met de gemeente of zelfs maar contact te
krijgen. De gemeente geeft vaak en langdurig niet thuis.
Een van de redenen die het College bij aantreden gaf voor de noodzaak
van een vijfde wethouders was meer tijd voor contact met de burgers van
Wageningen te willen hebben.
Er is minder contact dat ooit.
Een ander teken dat de gemeente haar zaken niet op orde heeft is het
feit dat allerlei belangrijke beleidsmatige zaken blijven liggen. Een
teken aan de wand is dat de Gemeenteraad al gedurende een half jaar
vrijwel geen besluiten hoeft te nemen; er staat niets op de agenda.
Het beeld dat wij van B&W krijgen is dat van vijf individuen die er
vooral op gebrand zijn hun eigen portefeuilles te beschermen tegen
invloeden van collega-wethouders. Er is geen sprake van een team, maar
van een vechtcollege. Dit wordt heel duidelijk als wethouders in de
wandelgangen aangeven dat hen door de formele portefeuillehouder is
verboden te praten over een groot onderwerp als de toekomst van de
Dreijen. En ook het gesteggel over de uitvoering van het Generaal Pardon
of het woningbouwprogramma maakt duidelijk dat dit college geen
gezamenlijke visie heeft en geen wil lijkt te hebben om samen te werken.
Dit mist zijn uitwerking op de organisatie niet. De gemeentelijke
organisatie loopt leeg. De gemeente heeft al langere tijd een groot
aantal vacatures, terwijl er een te groot beroep gedaan moet worden op
interim-managers om de organisatie te vullen.
GroenLinks beseft dat dit harde woorden zijn. Wij weten uit ervaring dat
een stad besturen geen sinecure is. We zien het echter als onze
verantwoordelijkheid over deze problematiek een openbaar debat aan te
vragen. Als raadsleden zijn we volksvertegenwoordigers en controleren we
het College. Wij krijgen naast onze eigen waarneming ernstige signalen
uit de samenleving en het verbetertraject dat het College zou moeten
hebben ingezet na het Pantarijnrapport lijkt uit te lopen op een
verslechtering.
De Coalitie partijen -PvdA, VVD, CDA en Stadspartij- dragen directe
verantwoordelijkheid voor dit college. GroenLinks roept deze partijen op
die verantwoordelijkheid te nemen.
———————-
Voor meer informatie
Dorien van de Laak
fractievoorzitter GroenLinks
06 165 120 32

Werk Werkt van de Baan?

GroenLinks stelt schriftelijke vragen aan het College over Werk Werkt.

Kort na de start van Werk werkt heeft de GroenLinksfractie al vraagtekens gezet bij de uitvoering ervan. Onze voornaamste zorg was dat er sprake was van verspilling van talent, een gemis voor zowel betrokkene als voor de samenleving. Onze grootste bezwaar draaide om het ontbreken van maatwerk. Onze belangrijkste vraag: Vergroot het de kansen op de arbeidsmarkt? 

De golf media-aandacht die volgde zorgde ervoor dat er wat verbeteringen zijn voorgesteld voor het project Werk werkt. Hoewel natuurlijk tevreden met de verbeteringen bleef de reactie van GroenLinks: ‘We missen het echte maatwerk. Talent wordt nog altijd verspild.’ De raad hield een slag om de arm en besloot de pilot niet regulier voort te zetten maar verlengde de duur van de pilot.

Afgelopen week is door de rechter in Arnhem een uitspraak gedaan in de zaak rond de weigering van een cliënt om de ‘work first’-traject te voltooien in de gemeente Arnhem. Een uitspraak waar onze fractie naar uitgekeken heeft. Belangrijkste grond voor weigering was volgens de eiser dat het betreffende ‘work first’-traject niet bijdraagt tot het vinden van een betaalde baan en dus stapte hij naar de rechter. De rechter stelde eiser in het gelijk.

Cliënt voerde bij de rechter twee argumenten op. Volgens hem was hier sprake van dwangarbeid of verplichte arbeid, welke in artikel 4 van EVRM verboden is. En als tweede argument werd aangevoerd dat het in strijd was met de WWB omdat het hier gaat om een standaardpakket en niet een op de persoon toegesneden pakket.

De rechtbank komt tot de conclusie dat wanneer er sprake is van gedurende langere tijd het verrichten van werkzaamheden waarvan volstrekt duidelijk is dat deze voor desbetreffend persoon geen enkele positieve invloed hebben op reintegratie in het reguliere arbeidsproces zou hebben, men wel kan spreken over verplichte arbeid. In deze specifieke zaak vond de rechter dat er geen sprake van was omdat eiser snel stopte met het traject.

Aangaande het tweede argument zegt de rechter: Het moet blijken op welke gronden het traject noodzakelijk is om eiser te laten re-integreren in de arbeidsmarkt. De gemeente kon eiser niet zonder meer naar work first sturen. Dit besluit is onvoldoende gemotiveerd.

Op basis van bovenstaand besluit de rechter om het beroep gegrond te verklaren.

Als het aan GroenLinks ligt biedt deze uitspraak een uitgelezen kans om tot een klantvriendelijker re-integratieaanpak te komen waarbij het talent van een ieder optimaal wordt benut. Dat staat voor de GroenLinksfractie voorop.

Vragen:

1) Heeft eerdergenoemde rechterlijke uitspraak consequenties voor het Wageningse ‘work first’ aanpak?

Zo nee, op welke wijze wordt al voldaan aan het maatwerk dat noodzakelijk is om niet in strijd met de WWB te handelen, waarbij aanpak op maat het uitgangspunt is?En wat wordt er al concreet ondernomen zodat er geen sprake is van verplichte arbeid? Wordt er per persoon dat doorgestuurd wordt naar Werk werkt gemotiveerd op welke gronden het traject noodzakelijk is voor desbetreffende cliënt?

Zo ja, kan het college uit een zetten welke consequenties deze rechterlijke uitspraak heeft voor het Wageningse ‘work first’ project Werk werkt, eveneens aan de hand van de twee door de rechter aangevoerde argumenten: in strijd handelen met de WWB en het zorgen dat er geen sprake kan zijn van door artikel 4 EVRM verboden verplichte arbeid?

Alvast bedankt voor de beantwoording.

Met vriendelijke groet,
Lara de Brito/ Raadslid GroenLinks